Gemeente Wingene

Wingenaren in de wereld: Kjenta in Tanzania

Sommige inwoners leren onze wereld op een andere manier kennen door zich als vrijwilliger in te zetten tijdens zinvolle projecten van ontwikkelingssamenwerking wereldwijd. Zo trok Kjenta Vangampelaere eind juli naar het Afrikaanse Tanzania.

Vrijwilligerswerk hoeft niet altijd onder de eigen kerktoren. Sommige Wingenaren trekken als vrijwilliger de wijde wereld in. Door, in nauwe samenwerking met de lokale bevolking, maatschappelijke problemen op gebied van onderwijs, gezondheidszorg, landbouw,... aan te pakken, dragen ze hun steentje bij aan een betere wereld en leren ze tegelijkertijd andere culturen kennen. 

Het avontuur van Kjenta in Tanzania

Inwoonster van onze gemeente Kjenta Vangampelaere vertrok eind juli 2019 als vrijwilliger met Bouworde vzw naar het Afrikaanse Tanzania. Een verslag van haar avontuur kan je hieronder terugvinden.

Dinka, Dutch Initiative Kids Africa

In 2010 startten de Tanzaniaanse Erick en de Nederlandse Kimberly met de realisatie van de Dinka School in Arusha, Tanzania. In 2013 verwelkomde de school haar eerste leerlingen. In 2014 werden ze officieel geregistreerd als basisschool en inmiddels zijn er twee kleuterklasjes en zeven lagere schoolklassen. 

Met een bang hartje

Eind juli zat ik met een bang hartje in het vliegtuig richting Tanzania. Ik was zenuwachtig, nieuwsgierig en had veel zin om de komende drie weken te beleven met mensen die ik niet kende. Pas 24 uur later kwamen we aan in Kilimanjaro, waar we opgehaald werden door een schoolbusje. Enkele kopstoten later had de hobbelige zandroute ons geleid tot de Dinka-school. Snel mijn muggennet installeren en in bed, want vanaf morgen stond mijn leven in het teken van de kindjes. 

Ik stond bij groep twee, vergelijkbaar met het tweede leerjaar. Daar mocht ik huiswerk verbeteren, helpen met lezen en schrijven, knutselen en dramales geven. Aan de oudste leerlingen gaf ik Engels, Nederlands en Spaans. De eerste dagen was het even wennen. Ik vond mijn draai niet, liep verloren en voelde me alleen. Maar langzamerhand begon ik me thuis te voelen en hadden de matrons (de mama’s van het internaat) en de kindjes een plekje in mijn hart veroverd.

African time

Op een bepaalde dag liet de directeur weten dat de kinderen vrijaf hadden. Typisch Afrika, alles op het laatste moment en pole pole (op het gemak). Ach ja, African time zeggen ze dan. 

Gelukkig had de school ook een internaat. Die dag maakten we samen met de kindjes vriendschapsbandjes, leerden we de lokale taal spreken, hielpen we de matrons met de handwas, stopten we de kindjes in bed,… Het waren de beste dagen van mijn verblijf.

Het eten was in het begin wel even wennen, het is helemaal anders dan wat wij gewend zijn natuurlijk. Elke morgen ging ik samen met de kindjes ontbijten. We kregen een soort van taaie oliebollen en gemberthee. ’s Middags en ’s avonds was het eten weinig gevarieerd. Chapati, een hartige pannenkoek met bonen is lekker, maar ugali, een soort maïspap kreeg ik moeilijk binnen.

Onvoorwaardelijke steun

Ik wil de gemeente, vrienden, familie en kennissen bedanken voor de financiële steun. Met deze centjes hebben we knutselmateriaal, schoolspullen en een grote kopieermachine gekocht. Tot op heden schreven de kindjes zelf hun huiswerk en toetsen. De kleuterjuf schreef of tekende in ieder boekje de opgave. Een heel werk dat nu wegvalt. Met de vrijwilligers hebben we nog extra geld geschonken zodat we volgend jaar twee kindjes naar school kunnen laten gaan.

De harde waarheid

In Dinka zitten ze ongeveer met 26 in een klas. De inrichting is gelijkaardig met de klassen die wij kennen. Een groot verschil met de staatsscholen waar ze aan meer dan honderd kinderen per klas lesgeven, nog steeds straffen met stokslagen, muren beschimmeld zijn, ramen ontbreken, amper Engels spreken en waar het middageten halverwege de maand op is. Het niveau is er ook veel lager, slechts 5% stroomt door naar het secundair onderwijs, terwijl dat op Dinka zo’n 90% is… Als ze het kunnen betalen tenminste. Mijn ogen gingen open, terwijl ik ze liever wilde sluiten. Tranen stonden me nader dan het lachen. Afschuwelijk.

Asante Sana, Tanzania

Het afscheid viel me enorm zwaar. De kleine meisjes waren echt als zusjes voor me en met de grote jongens had ik gesprekken waarmee ze elders niet terecht konden. Na alle knuffels en ontzettend veel tranen was het tijd om naar huis te gaan. Starend naar de zonsondergang genoot ik nog na van een mooie tijd. Eenmaal terug in België is het moeilijk om me aan te passen. Wekelijks heb ik nog contact met de mama’s van het internaat. Bij het krijgen van een ‘I miss you’-berichtje en het bekijken van de vele foto’s, laat ik vaak nog een traantje. En dan zeg ik: “Asante sana, Tanzania”.

Gepubliceerd op  vr 25 okt 2019